top of page
Zoeken

STASI 2.0

Bijgewerkt op: 3 dagen geleden


Beste medereizigers

 

Toen ik nog actief was in de gemeentelijke bibliotheek leek het me op een bepaald moment een goed idee om een lezing te organiseren over het voormalige Oost-Duitse terreurbeleid en de eraan gekoppelde wansmakelijke verklikpraktijken. Aangezien ik in mijn boek Zijn we de draad kwijt? – dat geschreven werd vóór de coronacrisis – al waarschuwde voor opkomende totalitaire systemen, dacht ik dat het wel nuttig zou zijn om mensen tijdig te laten inzien dat ge(c)hanteerde Stasi-praktijken niet bepaald een manier zijn om de menselijke ethiek in overeenstemming te brengen met de kosmische harmonie. Om mij heen kijkend hebben mijn acties blijkbaar (nog) niet veel uitgehaald... Zo ontdekte ik tot mijn ontsteltenis een nogal akelige overheidsadvertentie in een lokaal weekblad die me terug katapulteerde naar Oost-Duitsland... maar waar rondom mij met de smartphone in de hand al schouderophalend op ‘gereageerd’ werd.


 

STASI 2.0 


Het verhaal van Erwin [Pasmans] en de dood van Yannick [Verdyck] illustreert perfect

hoe onze wereld veranderd is en hoe een samenleving van brave burgers omgetoverd werd tot een losse troep van mensen die gestuurd worden door propaganda, elkaar verraden en geen respect meer hebben voor een mening die niet conform is met hetgeen dwaze politici, valse wetenschappers en corrupte media dicteren. Mensen aansporen om na te denken, strookt niet met hetgeen van ons verwacht wordt. Spijtig genoeg blijkt dat Het Gevaar dikwijls komt van degenen die je probeert te helpen. Het COVID-19-sprookje maakte van onze medemensen verraders. In het voormalige Oost-Duitsland werden verklikkers beloond door de Stasi, in het COVID-19-verhaal namen de verraders genoegen met het kicken op het verklikken. De kudde wil niet geholpen worden, ze wil geleid worden, met alle gevolgen vandien.

 

Met bovenstaande krachtige woorden sloot de gepensioneerde vermogensbeheerder en activist Erik Geenen mijn in de zomer van 2023 verschenen boek De Macht van de Onmacht af. De ogen van degenen die denken dat Erik de plank missloeg omdat de ‘met ons inzittende’ staat onze ‘vrijheden’ terug geschonken heeft – dankzij ‘onze gezamenlijke’ inspanningen onder het belachelijke motto ‘we doen het allemaal voor de ander’ – zullen dadelijk misschien opengaan. Tenminste als er nog een fractie van bewustzijn rest. Dat laatste is namelijk niet zo vanzelfsprekend door de decennialange perceptiekaping via voornamelijk onderwijs en media en zeker niet sinds de onthutsende ontdekking – die ik aanhaalde in mijn vorige blog – van de internationaal gerenommeerde moleculair geneticus dr. Michael Nehls.

 

Stasi en de (In)offizieller Mitarbeiter

Telkens als ik denk het summum van waanzin gezien te hebben, duikt er weer iets nieuws op. Zo sloeg ik een poosje geleden, al genietend van een kopje verjaardagskoffie in een dorpstaverne net over de landsgrens, De Etalage open; een ‘onschuldig’ lokaal krantje dat wekelijks verschijnt. De Voerzienigheid wou dat mijn oog viel op een akelige bekendmaking van de (lokale) overheid die me gevoelsmatig deed belanden in het Oost-Duitse Berlijn van na de Tweede Wereldoorlog.

 

Wie heeft er nu nog nooit van de Stasi gehoord en de mate waarin dit Ministerie voor Staatsveiligheid de Oost-Duitse bevolking bespeelde en bespioneerde? De Stasi deed Oost-Duitsland namelijk gedijen op hordes verklikkers, gaande van afgunstige buren, wispelturige vrienden tot jaloerse schoolkinderen. Maar dat was slechts een klein deel van de informatievergaring. Het Stasi-verhaal is er een van een adembenemend web van spionnen, informanten en Officieller en Inoffizieller Mitarbeiter. Die laatsten – we zouden hen 4 na Cor. (vierde jaar na de start van de nieuwe tijdlijn n.a.v. een ‘virus’ die de tijdlijn van Christus vervangt) collaborerende deugpronkers kunnen noemen – bestond dus uit een grote groep veelal volkomen ‘normale’ burgers van Oost-Duitsland die anderen verraadden: buren die heimelijk over buren rapporteerden, schoolkinderen die informatie over klasgenoten stiekem doorgaven, managers die werknemers bespioneerden en communistische bazen die partijleden erbij lapten. En ga zo maar door. Vandaar dat Hedwig Richter, hoogleraar moderne en hedendaagse geschiedenis aan de Universiteit van de Federale Strijdkrachten in München spreekt van een ‘verbluffende rapporteringmachine’. Met ongeveer 189.000 leden bestreek dit verklikkersnetwerk van niet-officiële werknemers bijna alle gebieden van de samenleving in de DDR en vormde zo een van de belangrijkste dictatoriale regeringsinstrumenten.

 

Regeringsinstrumenten

‘Vadertje staat’ betaalde de ‘Gute Menschen’ af en toe ook. Soms kregen de meest loyale ‘regeringsinstrumenten’ wel tot honderd mark toegestopt, of ze ontvingen ‘gepaste’ cadeaus. Maar ze kregen geen codenamen en ze hadden geen handlangers. Het waren tenslotte geen Stasi-spionnen. Het waren ‘gewone’ informanten – van het soort dat overal in Oost-Duitsland te vinden was en die zelfs zonder een cent te ontvangen graag 'hun werk' deden. Van het soort dat ook in onze contreien jammer genoeg opnieuw opduikt, en zeker in gemeentes waar mensen de pen ter hand durven nemen in een poging om al dat door de staat georkestreerde bedrog onderuit te halen. Degenen die mijn twee laatste boeken gelezen hebben, zullen wel begrijpen over welke laaghartigheden ik het heb. De aangehaalde prof. Richter zei over de gang van zaken in Oost-Berlijn en omstreken: "Er waren geïnstitutionaliseerde structuren buiten de Stasi die dagelijkse en wekelijkse rapporten produceerden. Of het nu in het stadhuis was, in de staalfabriek of in het lokale boerencollectief: iedereen die ietwat functie had deed aangifte voor de staat.” Die rapporteringsmachine is nu wat ‘ze’ graag opnieuw zouden willen invoeren, zoals we dadelijk zullen zien.


Afb: Die DDR im Blick: Ein Seithistorisches Lesebuch van de hand van de aangehaalde historicus Hedwig Richter. Hierin vinden we een hoofdstuk terug genaamd Rechtsunsicherheit als Prinzip. Die Herrnhuter Brüdergemeine und wie der SED Staat seine Untertanen in Schach hiel. Richter ontdekte dat wekelijkse rapporten die door de gemeenteraden (!) werden opgesteld, informatie bevatten over welke predikant loyale of kritische opmerkingen had gemaakt, welke boeken er in appartementen circuleerden en welke spanningen er waren binnen hun gemeenten en wie ervoor verantwoordelijk waren. Het was zelfs niet nodig om zich tot de Stasi te wenden, die nogal wat mensen bedreigend vonden en probeerden te vermijden. Een eenvoudig gesprek met een lokale politieke ‘leider’ of fabrieksmanager was gemakkelijk genoeg te regelen. De minder formele sfeer maakte het comfortabeler om gevoelige informatie over collega's, buren of eender wie te delen. "De alomtegenwoordige mogelijkheden om aangifte te doen," zegt Hedwig Richter, "voedden het belangrijkste disciplinaire mechanisme: zelfcensuur." En dat is nu ook hetgeen we vandaag zien, precies zoals Orwell het voorspelde. Om een voorbeeld te geven: zo kreeg ik na de release van mijn boek De coronaplandemie als ambtenaar een te nemen of te laten voorstel: namelijk een document ondertekenen dat ik afstand nam van alles wat ik geschreven had. Degenen die mijn schrijfsels volgen, kennen mijn antwoord. Zelfrespect censureert zichzelf niet. Zelfrespect is een van de sleutels tot bevrijding. ‘Shakespeare’ schreef: “If we are true to ourselves, we cannot be false to anyone.”


Gecontroleerde oppositie

Vanzelfsprekend was niet iedereen gediend van de opgelegde Stasi-praktijken. Dissidenten zijn van alle tijden geweest. En machthebbers weten dit. Vandaar dat ze erop anticiperen. Degenen die mijn laatste boek gelezen hebben weten dat deze ‘anticipatie’ gecontroleerde oppositie heet. Ik merk dat er nog enorm veel wakkere mensen moeite hebben met deze ironische overheidstactiek. Het is een van de laatste valstrikken die zij dienen te doorprikken. Niet alleen Lenin paste deze tactiek toe maar ook de Stasi. Auteur Anna Funder schreef in haar boek Stasiland:

 

Ik zag ooit een aantekening op een Stasi-dossier uit begin 1989 die ik nooit zou vergeten. Daarin maakte een jonge luitenant zijn superieuren attent op het feit dat er zoveel informanten in kerkelijke oppositiegroepen waren bij demonstraties dat ze deze groepen sterker deden lijken dan ze in werkelijkheid waren. [Doet je dit niet denken aan de massabetogingen in Brussel tegen de coronamaatregelen?] In een van de mooiste ironieën die ik ooit heb gezien, merkte hij plichtsgetrouw op dat de Stasi, door de gelederen van de oppositie te hebben aangezwollen, het volk moed gaf om tegen hen

te blijven demonstreren.

 

Nogmaals: de lagen van illusie gaan diep. Heel diep. Ook vandaag de dag zijn we omgeven door gecontroleerde oppositie(s)pionnen, gespeeld door tal van ‘wakkere’ (bekende) mensen niet alleen in de (alternatieve) media, maar ook door infiltranten in wakkere groepen met onder meer als doel: jou uit je ware kracht houden of halen. Dit kan onder meer door je focus te laten leggen op de gespeelde oppositie, het dwarsbomen van waar verzet en/of door je goed klinkende 'New Cage' verhaaltjes voor te schotelen. Allerlei aantrekkelijke, maar erg misleidende tactieken die je – zonder dat je er erg in hebt – opsluiten in een andere 'kooi' en moeten voorkomen dat je je ware potentieel aanboort.


Afb: auteur Anna Funder laat zien dat de Stasi de tactiek van gecontroleerde oppositie goed onder de knie had. Nogmaals: enkel genoeg mensen die hun gnosis aanboren en zelfrespect tonen (een ‘over mijn lijk’-mentaliteit) kunnen een tirannieke en/of totalitaire staat omver werpen. Dit gebeurt niet met vlaggen en spandoeken tijdens demonstraties. (In mijn boek Wie vrij wil zijn moet puinruimen ga ik hier diep(er) op in en toon ik ook aan waarom.)



Heimelijk telefoongesprek

Slurpend aan mijn hete koffie popte door het lezen van de bekendmaking in De Etalage voor mijn geestesoog een artikel op dat ik een tijdje geleden las in Financial Review dat aantoonde hoe het er in Oost-Duitsland decennialang aan toeging. Reporter Peter Wensierski openbaarde er een waargebeurd telefoongesprek dat plaatsvond ergens in de jaren tachtig op het hoofdkantoor van de Volkspolizei, de Oost-Duitse politie, in de stad Döbeln, niet ver van Dresden. Het gesprek ging ongeveer als volgt:

 

TRING-TRING-TRING

Een trouwe politieke medewerker van de Stasi neemt de hoorn van de haak.

-“Hallo.”

Aan de andere kant van de lijn klinkt de stem van een onbekende man.

-"Goedenavond. Ik heb belangrijke informatie voor je. Neem een pen en papier!"

-"Oké, ik luister."

-"Op maandag 4 oktober zal meneer Karl-Heinz Buchwald [gefingeerde naam] naar West-Berlijn reizen voor een bezoek. Hij is echter niet van plan terug te keren."

-"En wie ben jij?"

Stilte.

-"Ik veronderstel dat je anoniem wil blijven?"

-"Jazeker!"

-"Oké, op wat is jouw informatie gebaseerd?"

-"Ik weet dat hij dit meegedeeld heeft aan zijn beste vrienden."

-“Dank voor de informatie. We gaan ermee aan de slag.”

TUUT-TUUT-TUUT... De heimelijke beller haakt in. En Karl-Heinz Buchwald zit vervolgens met een groot probleem. Loyale ambtenaren – van het soort dat ook maar hun job doet – trekken onmiddellijk zijn reisvergunning in en beginnen zijn telefoon- en e-mailverkeer 24/7 te volgen, naast het indringend ondervragen van zijn buren, familieleden en vrienden.


Afb: In een scène – die zich niet toevallig afspeelt in het orwelliaanse jaar 1984 – uit The Lives Of Others van de Duits-Oostenrijkse filmregisseur Florian Henckel Von Donnersmarck luistert de trouwe politieke medewerker, de Stasi-kapitein Gerd Wiesler (gespeeld door Ulrich Mühe) een vermoedelijke dissidente (toneel)schrijver 24/7 af. Iedereen die mijn boek Wie Vrij Wil Zijn Moet Puinruimen heeft gelezen zal vast en zeker het stuk tegengekomen zijn waarin een ontwaakte IT’er van mijn internetprovider me speciaal kwam opzoeken om mij te verwittigen dat hij sterke aanwijzingen had gevonden dat ‘ze’ me continu op afstand volgen. Lees: digitale controle. Je ziet dus, The Lives of Others heeft inmiddels eveneens ingang gevonden in het ‘vrije Westen’. George Orwell zat er pal op met zijn waarschuwende woorden in zijn boek 1984. Het getuigt van een bijzonder laag bewustzijn wanneer mensen de nood voelen om anderen te willen controleren op welk vlak dan ook. Cicero, de filosoof van het oude Rome, noemde dit in één van zijn verhandelingen één van de zes grote fouten van de mensheid. Misschien dat ze hem daarom - nadat hij oh ironie eerst 'vader van zijn land' genoemd werd - executeerden en nadien zijn hoofd en handen tentoonstelden op het sprekersgestoelte in het Forum in Rome? Wanneer gaat de mensheid eens leren?


BRP

Een toeristenkoppeltje dat de taverne betrad deed me ontwaken uit de nachtmerrie van Buchwald, het weekkrantje nog steeds opengevouwen in mijn handen. Mijn oog viel terug op De Bekendmaking Wet Basisregistratie Personen (BRP) dat net een pagina vooraf ging aan een kinderkleding- en speelgoedbeurs in Zuid-Limburg, hetgeen de bekendmaking onschuldig deed ogen. Misschien verbeeld ik me dingen die er niet zijn? Of zijn we dan echt vervallen in een bende verklikkers? Waarom zou ‘men’ anders zo een oproep publiceren? Beschreef Geenen in zijn nawoord immers niet onze samenleving sinds 2020 als een losse troep van mensen die elkaar verraden. Zou de overheid dan niet graag gebruik willen maken – nu de tijd er rijp voor is – van die losgeslagen troep die ze mede vormgegeven heeft? Wat zegt de advertentie namelijk?

Afb: Bekendmaking Wet Basisregistratie Personen (BRP) in het weekblad De Etalage van 20 maart 2024. Een vorm van 'predictive programming'? Drie ‘verdwenen’ inwoners van de gemeente worden met hun naam, voorletters en geboortedatum vermeld in het krantje. (Uit ethische overwegingen heb ik de namen en de geboortedata onzichtbaar gemaakt). Voor alle duidelijkheid, ik heb geen benul wat met deze mensen gebeurd is (gevlucht?, preventief 'weggenomen' met deze bekendmaking enkel voor de bühne?,...) maar desalniettemin blijft het een bericht in ware Stasi-stijl waar de wederom opdoemende Inoffizieller Mitarbeiters van zullen smullen. Talloze sycofanten en collaborerende deugpronkers zullen middels deze bekendmaking waarschijnlijk proberen te achterhalen waar hun ‘verdwenen’ medemensen verblijven om hen met plezier, zoals auteur Anna Funder aantoonde, aan de (r)overheid te kunnen aangeven. Kwestie van ‘goede’ (binnenkort sociale) punten te scoren. In haar boek Stasiland liet Funder namelijk zien dat – hoe raar het ook mag klinken – decennia na dat terreurbeleid er nog steeds figuren zijn die loyaal zijn aan de Stasi-ideologie en in afwachting zijn van de volgende ‘revolutie’. Deze figuren die overal terug te vinden zijn, ook in onze dorpjes, zullen zich dus stilaan in de handen wrijven met het opkomende totalitarisme. De geschiedenis heeft duidelijk aangetoond dat wanneer het kwaad in strijd is met het goede, het kwaad een emotionele en ‘mysterieuze’ aantrekkingskracht heeft die het vaak wint, tenzij goede mannen en vrouwen als voorhoede tegen al deze walgelijke zaken opstaan.


Aangezien de advertentie mij omverblies van ongeloof, sprak ik een tafeltje verderop enkele eveneens aan de koffie zittende dagjestoeristen aan om hun mening hierover te weten te komen. Veel meer dan wat schouderophalen kreeg ik niet. De speelgoedbeurs trok wel hun aandacht. Apathie kan net zo vernietigend zijn als corona‘vaccins’ en... vrijwillige traceringsapparatuur, zoals de smartphone waar ze – oh verrassing – ijverig mee in de weer waren. Wat zou het mensen immers nog kunnen boeien als zij er zelf voor kiezen heel hun hebben en houwen in handen van big brother te leggen? Zou je in die mentale toestand dan nog wakker liggen van een (wederom) opdoemende verklikkerscultuur? Zouden mensen in dergelijke comateuze toestand überhaupt nog doorhebben dat er een gigantisch big brother-controlesysteem uitgebouwd wordt? In elk geval, vroeg of laat zullen ze wel op de koffie komen... maar dan niet meer in een taverne.


Afb: Door de oprukkende smarttechnologie is niet iedereen nog in staat te zien waar het werkelijke big brother-gevaar schuilt.


(Klagende) verklikkers

Waar er ooit een (smartloze) tijd was dat een verklikker (die men vroeger erger bestempelde dan een beurzensnijder) terstond op zijn plaats gezet werd, wordt deze voornamelijk sinds de globale viruszwendel vrijwel overal met open armen ontvangen. In het geval van de aangehaalde bekendmaking zul je na een ‘loyaal’ verklikkerstelefoontje gepleegd te hebben waarschijnlijk ook nog eens als ‘een nieuw soort held’ – om de term van onderzoeker Walter Baeyens aan te halen – door ambtenar(r)en onthaald worden op het gemeentehuis. Je zal dan van tevoren op de desbetreffende gemeentelijke website vast en zeker kunnen aanvinken welk gebak je wenst bij je kroes koffie tijdens de aangifte. Die krijg je er nu immers gratis bij in plaats van een verdiende trap tegen je reet zoals je vroeger nogal eens mocht incasseren als je het toch waagde of gewaagd had om iemand zomaar te verklikken.

 

Dat de tijden hier ooit anders waren beschreef ik al in mijn boek Zijn we de draad kwijt? Daarin haalde ik een anekdote aan die ik vroeger meer dan eens gehoord heb van de lokale oude garde. Het gaat weliswaar niet over ‘verklikken’ volgens de ware definitie van het woord, maar de reactie van ‘de eerste burger’ indertijd laat duidelijk zien dat er geen ruimte is voor zelfs een afgeleide mentaliteit ervan. Het overgeleverde verhaal wil namelijk dat er in de jaren vijftig of zestig van de vorige eeuw een pas gedomicilieerde Amsterdammer, die een van onze pittoreske dorpjes uitgekozen had om te komen vertoeven, de toenmalige burgemeester opzocht om een potje te gaan klagen over een dorpeling. In die tijd was dat al een redelijke uitzondering als iemand uit ‘het hoge Noorden’ zich bij ons kwam nestelen. Aangezien deze nieuwkomer met een ei zat was hij er als de kippen bij om de burgervader zijn beklag te doen over de klaroenen van de haan van zijn buur. Stoere Cantecleer maakte namelijk te veel trammelant bij de verschijning van Aurora. De lamenterende burger kreeg hic et nunc oorbare repliek: “Beste man, hier heeft nog nooit iemand geklaagd over onze dieren. Bovendien zou het je sieren als je eerst met je buur erover gesproken zou hebben. Vooraleer je dat niet gedaan hebt, wil ik je hier niet meer zien.” Dat was het hele eiereneten want er heeft nooit nog een haan naar gekraaid. Die tijden zijn dus achter de rug.

 

“De wereld wordt beheerst door psychopaten en bestuurd door idioten.” (David Icke)

Ik zou aan deze quote van Icke graag een zin willen toevoegen: en massaal ondergaan door ruggengraatloze inwoners die de inmiddels letterlijk failliete politieke particratie in stand houden door in een stemhokje hun autonomie domweg af te staan aan een bende parvenu’s. Dat dit getuigt van de hoogste domheid laten ‘ze’ ons zelf zien. Wat zeggen immers artikel 20 en 28 van Protocol 1 van de illuminati?

 

Een volk, dat aan zichzelf, dat wil zeggen aan de parvenu's uit zijn midden, is overgelaten, stort

zich door de twist van de naar macht hongerende partijen en de daaruit voortkomende wanorde

in het verderf. [...] De mensen hebben niet begrepen, dat de massa een blinde macht is, dat de

door hen gekozen parvenu’s in de politiek (die het volk onbarmhartig onderdrukken) net zo blind

zijn als de massa zelf, dat de ingewijde, ook al is hij een domkop, regeren kan, terwijl de niet-ingewijde, al is hij een genie, van de politiek niets begrijpt. Dit alles is de niet-ingewijden ontgaan.

 

Dus stop in godsnaam met je stem weg te geven aan dit parasitaire systeem!


Afb: De Amerikaanse toneelschrijver Myron Coureval Fagan (1887-1972) wist reeds meer dan een halve eeuw geleden dat het hele politieke bloedzuigende parasitaire systeem, van links tot rechts, opgezet is door de illuminati om te verdelen en te heersen. Om te spreken met auteur Jan Bennink - 'als woedende cellen in een auto-immuunziekte zijn we tegen elkaar opgezet'. In art. 4 van Protocol 15 en art. 3 van Protocol 3 van de machtselite kunnen we immers lezen: "Wij hebben de kiemen van de tweedracht en de tegenstrijdigheid in de samenleving gelegd. [...] Om de eerzuchtigen (onvermoeide kletsers) tot misbruik van hun macht te verleiden, hebben wij alle krachten tegen elkaar opgezet." Fagan ontleedde het woord ‘politics’ terecht in ‘poly’ (veel) en ‘tics’ (bloedzuigende teken/parasieten).


Oprukkende slaafse volgzaamheid zorgt ervoor dat er ook vandaag, zelfs tot in de kleinste landelijke gemeentes, tal van medeplichtigen zitten aan een destructief totalitair systeem. Idiote parasitaire bestuurders dirigeren in naam van achter de schermen opererende psychopaten en het ruggengraatloze volk volgt. En een aantal ruggengraatloze onderdrukten helpt de onderdrukker waar nodig dan ook nog eens met ‘vrijwillige diensten’. Alsof we ook dit niet hadden kunnen weten. Wat staat immers in artikel 7 van Protocol 17 van de illuminati?

 

Volgens ons programma zal een derde van de onderdanen over de anderen waken, uit zuiver plichtsgevoel, om de staat vrijwillige diensten te bewijzen. Het zal dan niet meer eerloos zijn

een spion of aangever te zijn.

 

De metgezel van Jean-Paul Sartre, de landgenote en existentialiste Simone ‘Castor’ de Beauvoir kwam in haar Ethics of Ambiguity, een onderzoek naar het bestaan en wat het betekent om mens te zijn, tot de conclusie dat de onderdrukker nooit zo sterk kan zijn als hij onder de onderdrukten geen medeplichtigen heeft. Inderdaad... Laffe dorpsverklikkers die medemensen aangeven bij een niet deugende lokale overheid kwamen al aan bod in mijn vorige boek De Macht van de Onmacht. Anderen duiken dan weer op in mijn nieuwste boek. Daarin konden we onder meer lezen dat opnieuw herrezen Inoffizieller Mitarbeiter pogingen ondernamen om ‘wakkere flyeracties’ op geslepen wijze te dwarsbomen. Het is deze (verklik)mentaliteit waar onderdrukkers op kicken. Hetgeen die ‘vrijwillige medewerkers’ aan een foutief systeem niet beseffen is dat de geschiedenis aangetoond heeft dat ze mee opgeruimd worden vanaf het moment dat onderdrukkers hen niet meer nodig hebben.

 

Daarstraks citeerde ik al Cicero. Cicero was een Romeins staatsman en belangrijk schrijver. Hij wist goed genoeg dat ‘alles leeft en alles onderling verbonden is’. Het verklikken en vertrappen van anderen voor (illusoir) persoonlijk gewin zag hij dus als een andere grote fout van de mens in het republikeinse Rome van zijn tijd. We zijn nu tweeduizend jaar – tenminste volgens de verkochte tijdlijn in de schoolboeken (waar niets van klopt zoals wiskundige Anatoli Fomenko aangetoond heeft) – na deze Romeinse redenaar. Veel spirituele progressie is er zo te zien (nog) niet gemaakt, nietwaar?

 

Mensen zijn bang van degenen die zichzelf kennen

Inmiddels zijn we dus ook in het ‘vrije Westen’ verzand in een op en top controlestaat. Hierin is ruimte genoeg voor Stasi 2.0-verklikkers die denken witter te worden door anderen zwart te maken. Deze mentaliteit is volgens tal van psychologen vaak een kwestie van compensatiedrang door hun gebrek aan eigenwaarde en zelfvertrouwen. Een ander antwoord op deze verderfelijke mentaliteit kunnen we vinden in het werk van de spirituele meester Bhagwan Shree Rajneesh. Hij schreef namelijk in Wie de schoen past, een boek dat bijna veertig jaar oud is, dat ‘mensen bang zijn, heel erg bang van degenen die zichzelf kennen’. Zouden deze verklikkers daarom mensen die wél de moed hebben om dit potrotte overheidssysteem  achter zich te laten – in het geval van de drie ‘verdwenen’ burgers blijkbaar letterlijk – massaal aangeven sinds de verzonnen coronacrisis? Zijn dat niet diezelfde mensen die verwachten dat jij je vrijheid opgeeft waar hun angsten beginnen?

 


Afb: Zelfs in rurale dorpjes in het Genkse

duiken STASI 2.0-'verkeer(d)sborden' op.

Vanzelfsprekend allemaal voor onze 'veiligheid'.

Welke ontwaakte ziel wil er nu graag in zak en As zitten? Deze borden zijn echter noodzakelijk in de aanloop naar de aankomende Hunger Games Society: de bedoeling is dat elke (geprogrammeerde) burger elke andere (voornamelijk niet-geprogrammeerde) burger in de gaten moet houden en via smarttechnologie direct verslag uitbrengt over alles wat de controlestaat gemist zou hebben. De geprogrammeerde veiligheidsobsessie negeert, zoals obsessies meestal doen, de gevolgen: namelijk een totalitaire controlestaat. Nogmaals, machthebbers achter de schermen lachen zich te pletter met onze onnozelheid en ingelepelde obsessie voor 'veiligheid'.




Deze verklikkers voelen zich zodanig slecht in hun vel dat het haast niet anders kan dan dat ze als gemeenschappelijke bumpersticker hebben: gedeelde smart is halve smart. Met andere woorden: wat ik niet heb of kan ervaren, zul jij ook niet krijgen of ervaren! Waarom? Omdat iedereen met hen krachteloos moet meelijden en degenen die autonoom hun weg bewandelen (of in het geval van de ‘verdwenen burgers’ blijkbaar ‘wegwandelen’) moeten dus teruggefloten worden. Deze hele angstige verklikmaffia verzwelgt in een voorgelogen gevoel van eigengerechtigheid. De moed en durf die ze in andere laken, lachen hen in hun binnenste uit. Of zoals filosoof Bram Moerland degenen omschrijft die vrijheid verachten: “Om hun angsten te bezweren moeten de ‘ongelovigen’ [tegenwoordig degenen die het narratief van de overheidskerk niet gedachteloos wensen te volgen] worden bestreden, desnoods met geweld.” Dat laatste belooft dus nog wat als we op deze weg verdergaan. Vanzelfsprekend zet de archontische overheid deze hele ondeugd graag in ‘De Etalage’.

 

Een lafaard beoordeelt alles wat hij ziet door wat hij is

Mijn opa zaliger zei me meer dan eens: “Erwin, onthoud goed dat een verklikker erger is dan een dief.” Inderdaad. Als er iets is waar ik van walg is het die mentaliteit van mensen (aansporen om te) verklikken. Waar mijn maag ook van omkeert zijn de apathische reacties van hen die het allemaal niet(s meer) boeit, zoals in de aangehaalde taverne. (Apathie tegen) Verklikken is de modus operandi van innerlijk sidderende lafaards. Als je de profielen van zowel de verklikkers als van degenen die verklikken goedkeuren en/of aanmoedigen zou analyseren, zul je snel zien welke heimelijke streken ze op hun kerfstok hebben. De daarstraks geciteerde historica Richter haalt in haar analyse wraak en afgunst aan als drijvende factoren. Wat een verrassing. Als je het (corona)masker van deze zelfingenomen systeemadepten afrukt zul je dus ontdekken dat ze precies dat zijn waartegen ze zo hard tekeergaan. Vandaar dat ik in mijn boeken Zijn we de draad kwijt? en De Macht van de Onmacht hele hoofdstukken gewijd heb aan deze laaghartige mentaliteit. De Amerikaanse bestsellerauteur en meesterverteller Stephen King schreef in De donkere toren: “Een lafaard beoordeelt alles wat hij ziet door wat hij is.” En zowel degenen die aansporen tot verklikken als de verklikkers zelf handelen als lafaards. Stuk voor stuk deugen ze voor geen anderhalve meter. Grootvaders woorden zijn wat dat betreft in mijn geheugen gegrift voor eeuwig.

 

Telefoongesprek aan de andere kant van ‘De Muur’

Met het weekblad nog steeds voor mij opengevouwen op tafel staarde ik vol ongeloof naar het plafond en in mijn nare fantasie zag ik hoe ergens in de buurt de eerste heimelijke beller zijn smartphone ter hand neemt om te bellen naar de ‘ambtelijke autoriteiten’, geheel in lijn met artikel 7 van Protocol 5, artikel 2 van Protocol 2 en artikel 23 van Protocol 15 van de illuminati:


De wetenschap van de staathuishoudkunde is door onze wijzen uitgevonden. [...] De ambtenaren die wij - met inachtneming van hun geschiktheid tot slaafse gehoorzaamheid - zullen uitzoeken, moeten van de hogere staatskunst niets begrijpen. [...] Op deze wijze zullen ze gemakkelijk tot pionnen in ons schaakspel worden gemaakt en zullen geheel afhankelijk zijn van onze wijze en geniale raadgevers, die van jongs af werden opgevoed om de hele wereld te regeren. [...] Zoals het dier zijn jongen op roof uitstuurt, zo geven de overheden aan hun onderdanen winstgevende posities, zonder hen over het doel van hun posities in te lichten. Daarom zullen hun regeringen zichzelf door haar eigen ambtenaren vernietigen [om de New World Order in te stellen]...


Het gesprek gaat (dus) als volgt:

 

TRING-TRING-TRING

Een trouwe politieke pion van de lokale Stasi 2.0 neemt de hoorn van de haak.

-“Hallo.”

Aan de andere kant van de lijn klinkt de stem van een onbekende man.

-"Goedemiddag. Ik zag de bekendmaking in het lokale weekblad. Ik heb belangrijke informatie voor je. Neem een pen en papier!"

-"Oké, ik luister."

-"Op maandag 4 maart is meneer Peter Janssen [gefingeerde naam] samen met zijn vrouw Jacqueline Peters [vanzelfsprekend ook een gefingeerde naam] naar Albufeira vertrokken. Om niet getraceerd te worden hebben zij hun smartphone achtergelaten. Ze zijn niet van plan terug te keren."

-"En wie ben jij?"

Stilte.

-"Ik veronderstel dat je anoniem wil blijven?"

-"Jazeker!"

-"Oké, op welke bron is jouw informatie gebaseerd?"

-"Ik heb dit gisterenavond in de kroeg op de hoek toevallig vernomen van twee vrienden van hen die het erover hadden aan de toog. Ik stond achter hen en kon hun gesprekken redelijk volgen. Het blijkt dat die Jansen en zijn vrouw hun buik vol hebben van onder andere het flits-, corona- en stikstofbeleid van de regering. Ze hebben besloten om met de noorderzon en hun laatste spaarcenten te vertrekken om hun oude dag in een stacaravan ergens in de Algarve door te brengen.”

-“Dank voor de informatie. We gaan ermee aan de slag!”

TUUT-TUUT-TUUT... De beller haakt in.

Ik zie de problemen al opdoemen voor Peter Janssen en zijn vrouw. Mijn geestesoog ziet loyale ambtenaren (ik krijg van tijd tot tijd eczeem van de combinatie van die twee woorden) en andere ‘ordehandhavers’ druk in de weer om direct contact op te nemen met Portugese instanties waardoor de jacht op de familie Janssen ingezet kan worden. Allemaal voor hun eigen goed, welteverstaan.

 

Ondergang van de beschaving

In zijn Timaeus schreef Plato over een vorige ‘eindtijd’. Tussen de regels door liet hij reeds blijken dat het immorele gedrag van de mensheid in de periode van de naderende zondvloed mede doorslaggevend was voor de ondergang van de beschaving. “En juist toen ze allen van mening waren dat ze op hun mooist waren, waren ze op hun lelijkst,” schreef hij over de vorige ‘eindtijd’.

 

Onthoud goed dat je er duizenden jaren na de zondvloed ook vandaag niet bepaald mooier op wordt als je jezelf op zo’n manier in ‘De Etalage’ denkt te plaatsen door een aan-gif-te te doen van je medemens bij een verderfelijke overheid. Wél als je met ‘de grootste omwenteling aller tijden’ in aantocht mee je rug recht tegen deze walgelijke verklikkersagenda. Dat staat een mens pas!

 

 

erwin




“Een beschaving wordt niet vernietigd door slechte mensen;

Het is niet nodig dat mensen slecht zijn,

maar alleen dat ze ruggengraatloos zijn."

James Baldwin, Amerikaanse schrijver (1924-1987)




“De onderdrukker kan nooit zo sterk zijn

 als hij onder de onderdrukten geen medeplichtigen heeft.”

Simone de Beauvoir, Franse schrijfster (1908-1986)

165 weergaven

Recente blogposts

Alles weergeven

Comments


bottom of page